Warmtewet – na 2013

Warmtewet (A) per 1 jan. 2014, Wet is er gekomen ter bescherming van de Warmtegebruikers.
Als het daarbij ook gaat om bescherming tegen onredelijke Warmtetarieven, dan is de Warmtewet op dit punt veel te summier, met hoofdzakelijk een bepaling volgens artikel 5 – 2a dat:

De Maximumprijs is gebaseerd op de Integrale (voltallige) Kosten die een verbruiker zou moeten maken voor het verkrijgen van dezelfde hoeveelheid warmte bij het gebruik van gas als energiebron. Deze kosten worden bepaald met de Rendementmethode (NMDA) .

Het was voor EZ echter duidelijk dat de NMDA Tarieven zo veel mogelijk gelijk moesten blijven aan de Marktwaardetarieven (MDA), om lastige vragen van gebruikers te voorkomen.
Bovendien konden de winstmarges niet worden gekort omdat, wat 20 jaar lang voor Schuldsanering verplicht was om de doen, nu onmogelijk ineens niet langer mocht worden gedaan.

 

De Woekerpolismethode werd de oplossing met: uiterst minimale informatie die maximaal onduidelijk is, waardoor verschillende uitleg mogelijk werd als opstap naar Verborgen Kostenposten. De Warmtewet bepaald dat de ACM jaarlijks de Maximumprijs vaststelt, waarvan als Voorbeeld het ACM Besluit voor 2015 (A).

Vastrecht (Vaste Kosten)
Daarvoor geldt als maximumprijs € 281,78 incl. BTW, plus de Meetdienst € 24,78 incl. BTW.
A
chterhaald kon worden dat het Vastrecht is opgebouwd uit de volgende drie componenten:
Vermeden Vastrecht Gas € 177,89, Verschil onderhoud CV ketel – Warmtewisselaar € 74,28 en Verschil kapitaalslasten CV ketel – Warmtewisselaar € 29,61.
Voor de Stadsverwarming Gelderland & Flevoland geldt echter een Vastrecht van € 399,96 incl. BTW inclusief de Meetdienst € 24,78 incl. BTW, wat als meer dan op zijn mist hoogst merkwaardig is.
Verder is het opmerkelijk dat het ACM besluit geen rekening houdt met de eigen Kapitaalslasten van de gebruiker, als gevolg van de z.g. Vermeden Kosten die in zijn Aansluitbijdrage al zijn vereffend.
Hierdoor is er een ongewenste mogelijkheid om deze niet verschuldigde eigen Kapitaalslasten toch in het Vastrecht op te nemen als Verborgen Kostenposten.

Vastrecht / Huur Warm Tapwatervoorziening
Hiervoor geldt volgens de Warmtewet dat (verkort):
De leverancier deze voorziening ter beschikking stelt tegen Redelijk Kosten.
Het ACM Besluit bepaald, zonder enige vorm van specificatie of toelichting voor 2015:
Aanschafwaarde warmtewisselaar € 1944,00 incl. BTW – (was 2013€ 964,00 incl. BTW !!).
consuWijzer geeft onder Kosten voor een Warmtewisselaar als uitleg (verkort): Huurt u de warmtewisselaar van de warmteleverancier?. Dan betaald u daar voor. Deze kosten worden niet door de overheid vastgesteld. Maar ze moeten wel redelijk zijn. – (wie controleert dat?)

Warmteprijs (Variabele Kosten)
Om de nieuwe NMDA – GJ – Tarieven zo veel als mogelijk in overeenstemming te brengen met de oude MDA – GJ – Tarieven, zijn er een aantal opvallende aanpassingen gedaan zoals:
Niet hanteren van de Laagste Gasprijs, een Slechter Rendement CV- Ketel toepassen dan geldt voor de EPC regels, Leidingverliezen om het CV- Ketelrendement extra te Verlagen en verklaren dat Warmte een Mengsel is van 79% Ruimteverwarming en 21% Warm Tapwater.
Zo is er een COMBI – Tarief gecreëerd van 35,2 m3 gas/per GJ – € 24,03 incl. BTW per GJ.
Combi – Warmte gehanteerd voor de Ruimteverwarming betekent dat bij Bereiding van Warm Tapwater (ITW), met een gehuurde warmtewisselaar, twee maal de Bereidingskosten moeten worden betaald, als de warmtewisselaar achter de GJ meter is geplaatst.

 

Parameters Warmteregeling 2017
Gezien de vele bezwaren die er waren en nog zijn, vooral van de Consumentenkant, is de Warmtewet in 2015 en 2016 geëvalueerd.
Het RVO (consumentenbelang?) heeft de uitkomsten van de evaluatie van de Warmtewet samengebracht in de Parameters Warmteregeling 2017 (A).
Hierin zijn meerdere voorstellen opgenomen voor een herziening van de Warmtewet, waarvan niet duidelijk is of die worden overgenomen en wanneer een herziening van de Warmtewet mag worden verwacht.

 

Aansluitbijdrage
Omdat de Warmtewet hierover summier is werd gekozen voor de consuWijzer uitleg
Wat kost een nieuwe aansluiting op een warmtenet? – (verkort):
Wilt u een aansluiting op een Bestaand Warmtenet? (als dat al voorkomt?) Dan is het bedrag hetzelfde bedrag wat mensen betalen voor een aansluiting op het Gasnet.
Wilt u een aansluiting op een Nieuw Warmtenet? (daar gaat het om !!) Daarvoor stelt ACM geen tarief vast.
Vaak zijn deze aansluitkosten bij de prijs van de woning (als verborgen kosten) inbegrepen.

 

Sjoemel Warmtewoningen – Staan geheel buiten de Warmtewet en het ACM Besluit.
Medio 2000 neemt de Overheid afscheid van de Energiesector waarna EnergieNed medio 2001 komt met de introductie van de Rentabiliteitsbijdrage.
Deze is gebaseerd op Sjoemelen met de geldende (EPC) Energie Prestatie Coëfficiënt maatregelen.

Rentabiliteitsbijdrage gaat medio 2001 als volgt:
Eerst worden de EPC eisen van de Warmtewoning verzwaard waardoor er hogere isolatiekosten ontstaan dan gelden voor een Gaswoning.
Volgende stap is om het Rendement van Stadsverwarming te verhogen, met een eigen verklaring, waarmee de hogere isolatiekosten weer kunnen vervallen.
Het bedrag wat zo is vrijgespeeld komt als Rentabiliteitsbijdrage bovenop de Aansluitbijdrage.
Dit alles resulteert in een Warmtewoning die dus duurder is dan een vergelijkbaren Gaswoning.

Bouwbesluit 2012
Dit Bouwbesluit legaliseert de Rentabiliteitsbijdrage, maar wel op een desastreuze wijze.
Eerst worden de EPC eisen van de Warmtewoning met 33% verlaagd waardoor er lagere isolatiekosten ontstaan dan gelden voor een Gaswoning.
Het bedrag wat zo is vrijgespeeld komt als Rentabiliteitsbijdrage bovenop de Aansluitbijdrage.
Met het Rendement van Stadsverwarming, volgens de NVN 7125, is alles gelegaliseerd.
Dit alles resulteert in een Warmtewoning die niet duurder is dan een Gaswoning, maar met als

Desastreus Nadeel een blijvend hoger verbruik dat kan oplopen tot honderden Euro’s per jaar.
In de Parameters Warmteregeling 2017 (A) pagina 7, is te lezen dat de Consumentenkant sterk heeft aangedrongen op een Compensatieregeling voor dit negatieve EPC effect, wat werd afgedaan met:

Het effect is moeilijk te bepalen en geldt alleen bij Nieuwbouw. Bij de keuze voor een Nieuwbouwwoning is bekend welk Verwarmingsysteem er in de woning zit. Bij het besluit om te kopen kan de bewoner rekening houden met de gevolgen (dus eigen schuld dikke bult).

De vraag is of bij de koop van een Kavel (Gemeente), of van een Warmtewoning (Verkoper), er volledige en Correcte Voorlichting is gegeven over de blijvende desastreuze financiële nadelen van Stadsverwarming.